Paragrafen

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

4. Lening Nationaal Restauratie Fonds

De provincie heeft geld uitgeleend aan het Nationaal Restauratie Fonds (hierna NRF) dat het op zijn beurt door leent aan eigenaren van monumenten voor het herbestemmen/restaureren/verduurzamen van monumenten. Het risico bestaat dat de lening niet (volledig) wordt terugbetaald aan het NRF en in het verlengde daarvan aan de provincie. Ter beperking van dit risico toetst het NRF of de ontvangers van de leningen voldoende kredietwaardig zijn. Door middel van hypothecaire leningen, met het monument als onderpand, verkrijgt het NRF voldoende zekerheid. Ook bekijkt het NRF in hoeverre daadwerkelijk voldoende zekerheid kan worden verkregen uit het te financieren onderpand. Het risico bedraagt maximaal € 9,1 miljoen.

5. Deelneming PDENH

Het Participatiefonds Duurzame Economie Noord-Holland (PDENH) investeert in duurzame innovatieve bedrijven en initiatieven in Noord-Holland. Financiering vindt plaats met provinciale middelen. De provincie Noord-Holland loopt risico’s op faillissementen van ondernemingen waarin het fonds heeft geïnvesteerd. Als beheersmaatregel wordt voor iedere investering een uitgebreid onderzoek uitgevoerd door een team gespecialiseerde investeringsmanagers in dienst van het participatiefonds. De investering wordt vervolgens voor advies voorgelegd aan een investeringscomité, waarna de provincie als aandeelhouder het uiteindelijke investeringsbesluit neemt.
Ondanks risicobeperkende maatregelen gaat het in absolute zin om grote bedragen. Het aantal investeringen en het door PDENH uitgezette kapitaal neemt in de toekomst verder toe.
Zekerheidshalve is bij de berekening van het benodigde risicobedrag voor PDENH uitgegaan van 20% van het geïnvesteerd vermogen. Dit risicopercentage is recent geactualiseerd naar aanleiding van de coronacrisis. Hierdoor is het risicobedrag ten opzichte van de voorgaande periode gestegen. Naar verwachting is het risicobedrag ruimschoots toereikend, omdat ook reeds een verliesvoorziening is opgenomen.

6. Subsidieregeling Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer en Uitvoeringsregeling POP3 subsidies Noord-Holland

De provincie kent Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP3) subsidies toe op grond van twee regelingen: de subsidieregeling ANLb en de Uitvoeringsregeling POP3 subsidies Noord-Holland. Deze subsidies bestaan uit EU-middelen en provinciale middelen. De POP3 subsidieverplichtingen overstijgen het bedrag waar wij als provincie aan Europese middelen aanspraak op kunnen maken. Dit leidt mogelijk tot kosten voor de provincie, maar het is ook mogelijk dat hier tot het jaar 2026 Europese middelen alsnog voor beschikbaar komen. In elk geval zijn tot en met 2025 - het einde van het POP3 - verschillende momenten dat extra EU-middelen beschikbaar kunnen komen. In 2019 was een risicobedrag opgenomen van € 4,6 miljoen. Dit betrof het bedrag tot en met 2019. In de jaren 2020 en 2021 hebben we voor ANLb voor € 2,6 miljoen meer aan subsidiebetalingen gedeclareerd dan het bedrag aan Europese middelen waarop de provincie aanspraak kan maken. Daarmee komt het totale bedrag op € 7,2 miljoen.

7. Deelneming ROM

De provincie loopt met haar deelneming in de ROM een risico, omdat het gaat om investeringen in bedrijven/projecten die mogelijk niet in alle gevallen rendabel blijken. Uitgaande van het risicoprofiel van het ontwerp voor het Transitiefonds en mede op basis van de ervaringen met PDENH wordt dit risico ingeschat op 30%. Dit komt neer op een risico van maximaal € 12 miljoen.

Deze pagina is gebouwd op 07/05/2023 16:19:33 met de export van 07/05/2023 13:00:12